Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
5.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 31 januari 2017;
- het proces-verbaal van getuigenverhoor van 19 april 2017;
- het proces-verbaal van getuigenverhoor van 7 september 2017;
- het proces-verbaal van getuigenverhoor van 2 november 2017.
6.De verdere beoordeling
- [getuige 1] , gepensioneerd gerechtsdeurwaarder;
- [getuige 2] , zus van [appellant] ;
- [getuige 3] , moeder van [appellant] .
- Tijdens de samenwoning van partijen, die tot 1 juli 2007 heeft geduurd, had [geïntimeerde] geen eigen inkomen. Tijdens deze periode zijn de kosten van de huishouding, inclusief de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen, geheel ten laste van het inkomen van [appellant] gekomen.
- In verband daarmee heeft de Familienkasse Aachen het bedrag van € 5.821,02 aan [appellant] toegekend. Dit bedrag had volgens de toekenningsbeslissing betrekking op de periode van juli 2005 tot maart 2007, dus op de periode waarin [appellant] en [geïntimeerde] nog een gezamenlijke huishouding voerden en waarin [appellant] (en niet [geïntimeerde] ) de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen droeg. Het bedrag diende ertoe om (een deel van) de door [appellant] gemaakte kosten te dekken.
- Vanaf 1 juli 2007, het moment dat de samenwoning tussen [appellant] en [geïntimeerde] is verbroken, ontvangt [geïntimeerde] in verband met de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen kinderbijslag in Nederland.
- Het is niet duidelijk waarom de beslissing tot toekenning van het Kindergeld over de periode van juli 2005 tot maart 2007 aan [appellant] pas op 2 oktober 2007 is genomen. Er is niet gesteld of gebleken dat daarvan aan [appellant] een verwijt valt te maken.
- [geïntimeerde] heeft niet gesteld dat [appellant] tekortgeschoten is in de nakoming van zijn verplichting om de kinderen van partijen tijdens de periode van samenwoning te onderhouden. In dit hoger beroep moet ervan worden uitgegaan dat [appellant] tijdens de periode van samenwoning de kosten van verzorging en opvoeding uit zijn inkomen heeft voldaan.
- het verstekvonnis van 8 juni 2011 vernietigen;
- de vordering van [geïntimeerde] alsnog afwijzen.
7.De uitspraak
- vernietigt het verstekvonnis van 8 juni 2011;
- wijst de vordering van [geïntimeerde] alsnog af;
- compenseert de proceskosten van de verstekprocedure en verzetprocedure tussen de partijen, aldus dat elke partij de eigen proceskosten moet dragen.