Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[appellant 1] ,wonende te [woonplaats] ,
[appellant 2],
wonende te [woonplaats] ,
[appellant 3] ,wonende te [woonplaats] ,
[appellant 4] ,
1.Mr. [geïntimeerde 1] , in zijn hoedanigheid van notaris,wonende te [woonplaats] ,
Maatschap [de maatschap] notarissen,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
1.Het verdere geding in hoger beroep
2.De beoordeling
“Tot zekerheid voor de terugbetaling van al hetgeen geldgever blijkens haar/hun administratie nu of in de toekomst van geldnemer te vorderen heeft of zal hebben uit welke hoofde dan ook, waaronder met name begrepen hetgeen geldgever te vorderen heeft of zal hebben op grond van de in deze akte geconstateerde geldlening en (eventueel) nog te verstrekken geldlening(en), de betaling van de verschuldigde rente, vergoedingen en kosten,(…)”.