ECLI:NL:GHSHE:2018:3760
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging verlenging machtiging uithuisplaatsing minderjarige ondanks verzoek vader tot thuisplaatsing
De zaak betreft het hoger beroep van de vader tegen de beschikking van de rechtbank Limburg tot verlenging van de machtiging uithuisplaatsing van zijn minderjarige kind bij de pleegmoeder, de oma van moederszijde. De minderjarige staat sinds 2011 onafgebroken onder toezicht van de gecertificeerde instelling (GI) en verblijft sinds mei 2017 onder een machtiging uithuisplaatsing bij de pleegmoeder.
De vader betoogt dat zowel hij als de moeder in staat zijn de verzorging en opvoeding van de minderjarige op zich te nemen mits de hulpverlening wordt voortgezet zoals bij de pleegmoeder. Hij stelt dat de machtiging niet voor twaalf maanden moet worden verlengd en verwijst naar een 6-fasenplan dat een geleidelijke thuisplaatsing mogelijk maakt. De GI en moeder stellen dat de thuissituatie bij de moeder nog niet stabiel is en dat de vader hulpverlening afwijst, waardoor niet duidelijk is of hij de noodzakelijke opvoeding kan bieden.
Het hof oordeelt dat aan de wettelijke vereisten voor verlenging van de machtiging uithuisplaatsing is voldaan. De thuissituatie bij de moeder is nog onvoldoende stabiel en de vader weigert medewerking aan hulpverlening. Het 6-fasenplan moet zorgvuldig worden doorlopen alvorens een volledige thuisplaatsing kan plaatsvinden. Het hof ziet geen reden om de termijn van de machtiging te verkorten en bekrachtigt de bestreden beschikking.
Uitkomst: De verlenging van de machtiging uithuisplaatsing van de minderjarige wordt bekrachtigd tot 8 maart 2019.