Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- de vrouw, bijgestaan door mr. J.A.H. Mathijssen namens haar kantoorgenoot mr. Ten Velde;
- de mentor, bijgestaan door mr. S. Yadegari.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele zaak ging het om het hoger beroep tegen een beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant waarin een bewindvoering en mentorschap waren ingesteld ten behoeve van de rechthebbende. De dochter van de rechthebbende, appellante, verzocht het hof om de benoeming van de huidige bewindvoerder en mentor te vernietigen en haar zelf tot mentor te benoemen.
De dochter stelde dat de bewindvoerder onvoldoende rekening hield met de wensen van de rechthebbende en dat de mentor onvoldoende contact onderhield. Zij klaagde over ingrijpende veranderingen in de levensstijl van de rechthebbende en stelde dat de zorg die zij zelf bood adequaat was. De tegenpartij, bestaande uit de bewindvoerder, de rechthebbende en de mentor, betwistte deze stellingen en stelde dat de benoeming van de bewindvoerder passend was, dat de levensstijl niet was veranderd en dat de zorg in het zorgcentrum goed verliep.
Het hof oordeelde dat de voorkeur van de rechthebbende duidelijk uitging naar haar zoon als bewindvoerder en dat er geen gegronde redenen waren om hiervan af te wijken. Ten aanzien van het mentorschap vond het hof dat de dochter niet onder alle omstandigheden in het belang van de rechthebbende had gehandeld, mede gelet op eerdere verwaarlozing en een verstoorde familieverhouding. De benoeming van de onafhankelijke mentor werd daarom bekrachtigd.
Het hof compenseerde de proceskosten en wees het meer of anders verzochte af. De beschikking van de rechtbank werd hiermee bevestigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking en handhaaft de benoeming van de zoon als bewindvoerder en een onafhankelijke mentor.