Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De vaststaande feiten
4.Het geschil en de beslissing in eerste aanleg
, primairvan minstens € 1.000,=
subsidiaireen in redelijkheid en billijkheid te bepalen bedrag,
meer subsidiaireen bedrag van € 15.000,= , alles plus rente, als vergoeding voor immateriële schade
5.De motivering van de beslissing in hoger beroep
- Uit het totaalbeeld van brief en voicelog dient te blijken dat de klant een contract aangaat met de nieuwe Telco en de klant tevens toestemming geeft om namens hem het contract met de latende partij (oude Telco) op te zeggen
- Voor de klant dient duidelijk te zijn dat de contract situatie verandert en dat daarvoor toestemming van de klant vereist is.
- Volgens de OPTA kan dit tot uiting komen door in de voicelog de term ‘overnemen’ te hanteren, gevolgd door een akkoord van de klant.
Van annuleren van orders kan slechts sprake zijn van orders die nog niet uitgevoerd zijn (d.w.z voor de handover datum). Het betreft:
- Klant heeft aan WLR partij aangegeven toch niet te willen overstappen, WLR partij gaat hiermee akkoord
- Als gevolg van een afgehandelde klacht.
- Reeds uitgevoerde orders (d.w.z. na de handover datum) kunnen niet meer geannuleerd worden, want de klant belt reeds via de nieuwe aanbieder (WLR partij).
- Het terugzetten van deze klanten kan alleen plaatsvinden door het plaatsen van een nieuwe order hiertoe (herstelorder).
- Herstelorders worden ingediend door de WLR partij, bijv.:
Als gevolg van een afgehandelde klacht dan wel betrachte coulance.
Herstelorders leiden voor beide partijen tot acties, o.a.: