Uitspraak
5.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
- de vader, bijgestaan door zijn advocaat;
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele zaak in hoger beroep stond de hoofdverblijfplaats van een minderjarige en de zorg- en contactregeling tussen ouders centraal. De rechtbank had eerder het hoofdverblijf bij de moeder vastgesteld, maar het hof constateerde dat de minderjarige sinds de zomer van 2016 feitelijk bij de vader woonde en deze situatie zich had bestendigd.
De vader verzocht het hoofdverblijf met terugwerkende kracht bij hem te bepalen en een contactregeling waarbij contact tussen de moeder en het kind alleen op initiatief van het kind zou plaatsvinden. De moeder voerde verweer, maar het hof oordeelde dat de relatie tussen de ouders ernstig verstoord was en dat het kind, mede door zijn autismespectrumstoornis, gebaat was bij rust en stabiliteit.
Het hof vernietigde de eerdere beschikking en bepaalde het hoofdverblijf bij de vader per 1 augustus 2016. Tevens werd vastgesteld dat contact tussen de moeder en het kind alleen op initiatief van het kind mag plaatsvinden, omdat het opleggen van contactregeling in strijd zou zijn met het belang van het kind. De proceskosten werden gecompenseerd en de beschikking werd voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hoofdverblijf van de minderjarige wordt met ingang van 1 augustus 2016 bij de vader vastgesteld en contact met de moeder vindt alleen op initiatief van het kind plaats.