ECLI:NL:GHSHE:2019:1250
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging beëindiging gezag ouders over drie minderjarige kinderen
De zaak betreft het hoger beroep van de moeder tegen de beschikking van de rechtbank Oost-Brabant die het gezag van haar en de vader over drie minderjarige kinderen beëindigde en de GI tot voogd benoemde. De kinderen zijn sinds 2016 onder toezicht gesteld en uit huis geplaatst vanwege een onveilige thuissituatie met fysiek en emotioneel geweld.
De moeder betoogt dat de situatie is verbeterd, zij de kinderen zelf kan verzorgen en opvoeden, en dat er geen sprake is van ontwikkelingsbedreiging. De raad en GI stellen dat de kinderen ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd, onder meer door hechtingsproblematiek en identiteitsproblemen, en dat de ouders onvoldoende in staat zijn de verzorging en opvoeding te dragen.
Het hof overweegt dat de kinderen ernstige problematiek vertonen en dat de ouders niet binnen een aanvaardbare termijn aan de opvoedverantwoordelijkheid kunnen voldoen. De moeder toont onvoldoende inzicht in de gevolgen van haar gedrag en weigert medewerking aan noodzakelijke hulp. De vader heeft wel stappen gezet, maar is niet in staat aan te sluiten bij de behoeften van de kinderen.
Het hof bekrachtigt daarom de beschikking van de rechtbank die het gezag beëindigt en de GI tot voogd benoemt, omdat het belang van de kinderen vraagt om rust, stabiliteit en duidelijkheid over hun verzorging en opvoeding.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van het gezag van de ouders over de drie minderjarige kinderen en benoemt de GI tot voogd.