ECLI:NL:GHSHE:2019:2776
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- S.M.A.M. Venhuizen
- R.R.M. de Moor
- M. Souren
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling zonder toekenning schone lei wegens toerekenbare tekortkomingen
Appellant was sinds 2016 onderworpen aan een schuldsaneringsregeling. De rechtbank had de regeling beëindigd zonder toekenning van de schone lei, omdat appellant toerekenbaar tekort was geschoten in haar verplichtingen, waaronder het niet afdragen van boedelbijdragen en het niet informeren van de bewindvoerder over haar financiële situatie.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat persoonlijke omstandigheden, waaronder de tragische dood van een vriendin en psychische klachten, haar belemmerden om aan haar verplichtingen te voldoen. Zij stelde dat zij een inkomen had dat voldoende was om de boedelachterstand binnen 12 maanden in te lossen en dat zij inmiddels hulp zocht voor haar psychische problemen.
De bewindvoerder betwistte de stellingen van appellant en stelde dat zij onvoldoende medewerking had verleend, essentiële financiële gegevens had achtergehouden en dat de boedelachterstand aanzienlijk was opgelopen. Het hof oordeelde dat appellant toerekenbaar tekort was geschoten, onder meer door het niet afdragen van de transitievergoeding die zij aanwendde voor een studie zonder toestemming van de bewindvoerder.
Het hof vond geen aanleiding om de tekortkomingen buiten beschouwing te laten en zag geen grond voor verlenging van de regeling. Het vonnis van de rechtbank werd bekrachtigd en het verzoek tot verlenging van de schuldsaneringsregeling werd afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het verzoek tot verlenging van de schuldsaneringsregeling af.