Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
Het proces-verbaal van aangifte d.d. 29 februari 2016, met bijlagen (pg. 42-51), voor zover inhoudende als verklaring van aangever [slachtoffer 1] mede namens de benadeelde [slachtoffer 2] :
23 feb. 2016
De eigen waarneming van het hof van de bij de aangifte gevoegde foto’s (pg. 47-48):
Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 24 juni 2016 met [proces-verbaalnummer] (ongenummerd), voor zover inhoudende als relaas van [verbalisant] :
Het proces-verbaal van verhoor benadeelde d.d. 1 april 2016 (pg. 52-56), voor zover inhoudende als weergave van het verhoor van benadeelde [slachtoffer 2] :
te Helmond?
het hof begrijpt: gaat) dan beslissen wij altijd samen. Ik ben toen naar beneden gegaan en zag dat [verdachte] samen met een voor mij onbekende jongen in de woonkamer zat. Ik heb de naam [voornaam 1] gehoord. Ik zag toen dat de jongen een joint op ging steken. Ik wilde dit niet en zei tegen de jongen dat ik niet wilde dat hij in mijn woning ging roken. Ik hoorde toen dat de jongen tegen mij zei “houd je bek”. Ik hoorde dat de jongen zei: “Ik weet niet wat ik ga doen als ik geen joint rook”.
Het proces-verbaal van verhoor meerderjarige verdachte d.d. 30 maart 2016 (pg. 77-81), voor zover inhoudende als weergave van het verhoor van [medeverdachte] :
Haar oom heet [slachtoffer 1] volgens mij.
het hof begrijpt: bij de bank) uitgestapt?
Het proces-verbaal van verhoor meerderjarige verdachte d.d. 31 maart 2016 (pg. 82-84), voor zover inhoudende als weergave van het verhoor van [medeverdachte] :
had. Zij wilde [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] geld vragen.
Het proces-verbaal van getuigenverhoor van de raadsheer-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in dit gerechtshof, d.d. 24 juni 2019, voor zover inhoudende als verklaring van [slachtoffer 1] :
Het proces-verbaal van getuigenverhoor van de raadsheer-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in dit gerechtshof, d.d. 24 juni 2019, voor zover inhoudende als verklaring van [slachtoffer 2] :
De verklaring van de verdachte, zoals afgelegd ter terechtzitting in eerste aanleg d.d. 5 april 2017:
De verklaring van de verdachte, zoals afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep d.d. 27 november 2019:
afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigdepersonen.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
17 (zeventien) maanden.
9 (negen) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1]
€ 500,00 (vijfhonderd euro) ter zake van materiële schade, waarvoor de verdachte met de mededader hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
€ 500,00 (vijfhonderd euro) als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
10 (tien) dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.