ECLI:NL:GHSHE:2019:639
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar naheffingsaanslag en boetebeschikkingen loonheffingen
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen een naheffingsaanslag loonheffingen en bijbehorende boetebeschikkingen. De Inspecteur verklaarde deze bezwaren niet-ontvankelijk vanwege overschrijding van de bezwaartermijn. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep stelde belanghebbende dat het bezwaar tijdig was ingediend, met bewijsstukken overgelegd.
Het hof oordeelt dat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat het bezwaar tegen de naheffingsaanslag tijdig is ingediend, zodat de niet-ontvankelijkverklaring daarvan terecht is. Voor de boetebeschikkingen geldt een andere bewijslast: de Inspecteur moet bewijzen dat het bezwaar niet tijdig is ingediend. Dit bewijs is niet geleverd, waardoor het bezwaar tegen de boetebeschikkingen niet-ontvankelijk had mogen worden verklaard.
Het hof vernietigt daarom de uitspraak van de rechtbank en de uitspraken op bezwaar betreffende de boetebeschikkingen en draagt de Inspecteur op om opnieuw uitspraak te doen. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan belanghebbende vergoed. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard voor de boetebeschikkingen en ongegrond voor de naheffingsaanslag.
Uitkomst: Het hof vernietigt de uitspraak van de rechtbank voor de boetebeschikkingen en draagt de Inspecteur op opnieuw uitspraak te doen, maar bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen de naheffingsaanslag.