Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[geïntimeerde 1] ,wonende te [woonplaats] ,
[geïntimeerde 2] ,wonende te [woonplaats] ,
8.Het verloop van de procedure
9.De verdere beoordeling
- dat de rechtbank terecht [appellant] heeft opgedragen te bewijzen dat [geïntimeerden] zich de paardenvrachtwagen wederrechtelijk hebben toegeëigend (rov. 6.7.),
- dat [appellant] in eerste aanleg niet is geslaagd in het hem opgedragen bewijs en dat hij in hoger beroep ook geen ter zake dienend en voldoende specifiek (aanvullend) bewijsaanbod heeft gedaan (rov. 6.13.), en
- dat de grieven van [appellant] falen (eveneens rov. 6.7. en rov. 6.13.).
€ 1.391,00 (1 punt tarief III-nieuw)
--------------- +