Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
14.Het verloop van de procedure
15.De verdere beoordeling
a) wilt u gemotiveerd aangeven waarom voor het bepalen van de waarde van de
De arbeidsbeloning voor [geïntimeerde] bedraagt € 62.192.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele zaak stond de waardering van de onderneming van een voormalige vennootschap onder firma centraal, waarbij appellant en geïntimeerde partijen waren. Het geschil betrof de waarde van het aandeel van appellant in de onderneming per 31 december 2008, conform het vennootschapscontract.
Het hof stelde vast dat voor de waardebepaling de arbeidsbeloning van zowel appellant als geïntimeerde in aanmerking moet worden genomen. De deskundige had de arbeidsbeloning van geïntimeerde vastgesteld op €62.192, wat niet werd betwist. Het resultaat van de onderneming, verminderd met de arbeidsbeloningen van beide eigenaren, was negatief, zodat geen overwinst en dus geen goodwill kon worden vastgesteld.
Het hof vernietigde het eerdere vonnis voor zover de vordering van appellant tot een bedrag van €192,00 was afgewezen en veroordeelde geïntimeerde tot betaling van dit bedrag. Tevens werd een bedrag van €11.565,00 toegewezen aan geïntimeerde wegens onverschuldigde betaling door appellant na het einde van de vennootschap. Proceskosten werden verdeeld waarbij appellant de meeste kosten moest dragen.
De uitspraak bevestigt dat bij waardering van een onderneming na beëindiging van een vof de marktconforme arbeidsbeloning van alle eigenaren moet worden meegenomen, en dat vorderingen die niet op deze grondslag steunen, worden afgewezen.
Uitkomst: De vordering van appellant wordt beperkt toegewezen tot €192,00 en geïntimeerde krijgt €11.565,00 toegewezen wegens onverschuldigde betaling, met proceskostenveroordelingen.