Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/01/338550 / HA ZA 18-642)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord.
3.De beoordeling
Indien tijdens het slopen asbest wordt ontdekt dat niet is opgenomen in het asbestinventarisatierapport worden de werkzaamheden terstond gestaakt en het bevoegd gezag daarvan onmiddellijk in kennis gesteld. Conform de wettelijke regelgeving dient de asbestinventariseerder in kennis te worden gesteld;
Alle in het gebouw aanwezige asbest dient eerst te worden verwijderd, voordat het bouwwerk wordt gesloopt (indien niet eerst het asbest wordt verwijderd dan dient dit vooraf kort gesloten te zijn met de asbestdeskundige van de afdeling Veiligheid, Toezicht en Handhaving).”
Opdrachtgever zal zorgen voor sloopvergunning”.
overtreden omdat is gesloopt zonder dat aan de nadere voorwaarden is voldaan. Deze nadere voorwaarden gebieden evenwel niet het bezit van een plan van aanpak. De artikelen (..) die volgens het college voorts zijn overtreden, wat daar overigens ook van zij, hebben betrekking op een veiligheidsplan en op verboden en voorschriften met betrekking tot handelingen waarbij asbest en andere gevaarlijke stoffen zijn betrokken en gebieden evenmin het bezit van een plan van aanpak. (..) Voor hervatting van de sloopwerkzaamheden is, gelet op de feitelijke onmogelijkheid om aan de op 3 februari 2015 en 1 juni 2015 geaccepteerde meldingen te voldoen, een nieuwe melding noodzakelijk. Hieruit volgt dat het college niet bevoegd was te gelasten een plan van aanpak aan te leveren.”
.Zoals de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State reeds opmerkte, kon aan deze gestelde voorwaarde feitelijk niet meer worden voldaan. Immers, er was juist niet vooraf kortgesloten met de afdeling Veiligheid, en inmiddels was al gesloopt.