Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[geïntimeerde 1] , zowel in persoon als i.z.h. van (voormalig) executeur,wonende te [woonplaats] ,
[geïntimeerde 2] ,wonende te [woonplaats] ,
3.[geïntimeerde 3] ,wonende te [woonplaats] ,
[geïntimeerde 4],
[geïntimeerde 5],
[geïntimeerde 6],
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/01/341859 / HA ZA 19-16)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaardingen in hoger beroep;
- de memorie van grieven;
- de memorie van antwoord, tevens memorie van grieven in incidenteel hoger beroep;
- de memorie van antwoord in incidenteel hoger beroep tevens akte in principaal hoger beroep. Van deze akte maakt deel uit een ‘akte in principaal appel’, het hof laat deze buiten beschouwing aangezien door [appellant] niet is verzocht en dus ook niet is toegestaan om nog een akte te nemen.
3.De beoordeling
tot bewindvoerder is dan ook niet in het belang van moeder te achten.