Uitspraak
[rechthebbende 1],
[rechthebbende 2],
5.De beschikking van het hof van 20 mei 2021
6.Het verzoek van [de huidige bewindvoerder] in hoger beroep en het verweer van [de voormalige bewindvoerder] daartegen
7.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
- [de huidige bewindvoerder], bijgestaan door mr. T.L. Ross (kantoorgenoot van mr. Van Boekel);
- [de voormalige bewindvoerder], vertegenwoordigd door mevrouw [betrokkene], bijgestaan door mr. Herculeijns;
- de rechthebbenden.
8.De verdere beoordeling
- [de voormalige bewindvoerder] met ingang van 1 mei 2020 ontslagen als bewindvoerder over de goederen van rechthebbenden. De kantonrechter is van oordeel dat er sprake is van zodanige gewichtige redenen dat ontslag van [de voormalige bewindvoerder] moet volgen;
- bepaald dat [de voormalige bewindvoerder] rekening en verantwoording zal afleggen ter zake het gevoerde beheer over het vermogen van de rechthebbenden;
- met ingang van 1 mei 2020 [de huidige bewindvoerder] benoemd als bewindvoerder over de goederen van de rechthebbenden;
- de jaarbeloning van de bewindvoerder vastgesteld overeenkomstig artikel 1 lid 4 van Pro de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren;
- de griffier opgedragen deze uitspraak in te schrijven in het openbare Centraal Curatele – en bewindregister.