ECLI:NL:GHSHE:2021:3911

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
7 december 2021
Publicatiedatum
18 januari 2022
Zaaknummer
200.280.345_01 H
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 31 Rv
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging eindvonnis nalatenschapsgeschil en niet-ontvankelijkheid incidenteel hoger beroep

In deze civiele procedure stond een geschil omtrent een processueel ondeelbare rechtsverhouding binnen een nalatenschap centraal. Het hof constateerde dat na het tussenarrest geen akte was genomen, waardoor geïntimeerden niet-ontvankelijk werden verklaard in hun incidenteel hoger beroep. Dit had te maken met het feit dat niet alle deelgenoten in het incidenteel hoger beroep waren betrokken, wat een vereiste is bij ondeelbare rechtsverhoudingen.

De principaal ingestelde grieven van de appellant faalden volledig. Het hof oordeelde dat het eindvonnis van de rechtbank terecht was en bevestigde dit. Tevens werd een verbetering aangebracht in het arrest van 7 december 2021, waarbij de initialen van een van de rechters correct werden aangepast van P.B. Kamminga naar P.S. Kamminga.

De uitspraak werd op 18 januari 2022 in het openbaar uitgesproken door het gerechtshof 's-Hertogenbosch. De kosten van het geding werden gecompenseerd. De zaak betrof een complexe nalatenschapsprocedure waarbij het belang van volledige procesparticipatie van alle deelgenoten werd benadrukt.

Uitkomst: Geïntimeerden worden niet-ontvankelijk verklaard in incidenteel hoger beroep en het eindvonnis wordt bekrachtigd.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Team Handelsrecht
zaaknummer 200.280.345/01
arrest van 18 januari 2022 strekkende tot VERBETERING in de zin van artikel 31 Rv Pro van het arrest, gewezen op 7 december 2021
in de procedure in hoger beroep die bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch aanhangig is tussen
[appellant],
wonende te [woonplaats] ,
appellant in principaal hoger beroep,
geïntimeerde in incidenteel hoger beroep,
hierna aan te duiden als [appellant] ,
advocaat: mr. M. van Tessel te Drunen,
tegen

1.[geintimeerde 1] , zowel in persoon als i.z.h. van (voormalig) executeur,wonende te [woonplaats] ,

geïntimeerde in principaal hoger beroep,
appellant in incidenteel hoger beroep,
hierna aan te duiden als [geintimeerde 1] ,
advocaat: mr. B.J. Lokollo te Utrecht,
2.
[geintimeerde 2] ,wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerde in principaal appel,
appellante in incidenteel appel,
hierna aan te duiden als [geintimeerde 2] ,
advocaat: mr. B.J. Lokollo te Utrecht,
en tegen

3.[geintimeerde 3] ,wonende te [woonplaats] ,

geïntimeerde in principaal hoger beroep,
niet verschenen,
4.
[geintimeerde 4],
wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerde in principaal hoger beroep,
niet verschenen,
5.
[geintimeerde 5],
wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerde in principaal hoger beroep,
niet verschenen,
6.
[geintimeerde 6],
wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerde in principaal hoger beroep,
niet verschenen,
hierna aan te duiden als [geintimeerde 3] , [geintimeerde 4] , [geintimeerde 5] en [geintimeerde 6] ,
Ambtshalve verbetering van het arrest van 7 december 2021
Het hof heeft geconstateerd dat de initialen van mr. Kamminga in het dictum van het tussenarrest van 7 december 2021 niet juist zijn vermeld. Er staat namelijk dat het arrest mede is gewezen door P.B. Kamminga, terwijl er had moeten staan: P.S. Kamminga.
Het hof heeft de advocaten van partijen bij brief van 15 december 2021 bericht voornemens te zijn het arrest op grond van artikel 31 Rv Pro te verbeteren en zij hebben het hof laten weten daarmee te kunnen instemmen.
Vermeld arrest zal mitsdien op de volgende wijze worden verbeterd.
Het hof:
Bepaalt dat de vermelding van de initialen van mr. Kamminga in het dictum van het tussen bovenvermelde partijen gewezen arrest moet worden verbeterd en gewijzigd in:
P.S. Kamminga.
Bepaalt dat deze verbetering onder vermelding van de datum van 4 januari 2022 wordt vermeld op de minuut van het arrest van 7 december 2021.
Dit arrest is gewezen door mrs. H.A.W. Vermeulen, M.E. Smorenburg en P.S. Kamminga en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 18 januari 2022.
griffier rolraadsheer