In deze civiele zaak staat het hoger beroep centraal tegen het vonnis van de rechtbank Limburg inzake rechtshandelingen met betrekking tot de overdracht van activa en de vraag of sprake is van paulianeus handelen in het faillissement van Trianel Energie B.V.
De procedure kende een onderbreking door het overlijden van de advocaat van appellante, waarna de zaak in 2019 werd hervat. Tijdens het hoger beroep heeft het hof besloten een comparitie van partijen te gelasten om informatie uit te wisselen, de stand van zaken te bespreken en te onderzoeken of een minnelijke regeling mogelijk is.
De comparitie zal plaatsvinden op 17 september 2021, waarbij partijen in persoon of via een bevoegd vertegenwoordiger aanwezig moeten zijn, bijgestaan door hun advocaten. Tevens is bepaald dat binnen twee weken na dit arrest een kopie van het volledige procesdossier door de advocaat van appellante zal worden ingediend.
Het hof houdt iedere verdere beslissing aan, waarmee de procedure voorlopig wordt opgeschort in afwachting van de comparitie en eventuele mediation. Dit arrest is gewezen door drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken.