Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/01/351850 / HA ZA 19-700)
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
€ 30.000,00 (ex btw) betaald.
€ 18.868,64 in mindering alsmede het bedrag van € 12.000,-- dat zij aan [Y] verschuldigd zou zijn geweest indien laatstgenoemde de werkzaamheden had voltooid. Het beslagleggen is jegens haar onrechtmatig geweest, nu zij niets aan [Y] verschuldigd is.
€ 69.219,96 te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 18 augustus 2020 tot de dag der algehele voldoening, met veroordeling van [Y] in de kosten van beide instanties.
€ 120.000,00 overeengekomen. De renovatiewerkzaamheden aan de bestaande loodsen is geoffreerd op basis van € 42,50 per m2 plankprofielplaten en deze offerte is geaccepteerd.
€ 7.934,31 exclusief BTW. Gesteld noch gebleken is dat [X] bij oplevering dit bezwaar tegen de slottermijn aan [Y] kenbaar heeft gemaakt. Uit het door haar overgelegde verslag van haar architect blijkt ook niet dat voornoemde bedragen als minderwerk in mindering op het totaal moeten worden gebracht. Voor zover bij de hier bestreden factuur (sandwich)panelen in rekening zijn gebracht, gaat het om een door de architect bestreden bedrag van € 1.559,34 exclusief BTW. Op grond van het vorenstaande acht het hof de stelling van [X] dat sprake is geweest van minderwerk op grond waarvan de onderhavige factuur, geheel of gedeeltelijk, niet verschuldigd is, onvoldoende onderbouwd. Het in rekening gebrachte bedrag onderbouwt het betoog van [Y] dat het hier gaat om de levering van extra panelen naast de geleverde binnendoosconstructie. In zoverre slaagt de grief niet.
€ 2.192,48 exclusief BTW.
€ 2.659,98 te vermeerderen van 21% BTW, zijnde € 3.218,58 moet worden afgewezen.