Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/01/379151 / KG ZA 22-68)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven tevens verzoek schorsing van de tenuitvoerlegging;
- de memorie van antwoord in incident met producties 1 en 2;
- de akte rectificatie;
- het bezwaar tegen eiswijziging;
- de memorie van antwoord met producties A tot en met C.
3.De beoordeling
[de vrouw]is geen incidentele vordering ingesteld omdat deze vordering niet is neergelegd in het petitum van de memorie van grieven. Volgens vaste rechtspraak wordt met het petitum in de memorie van grieven de omvang van het hoger beroep nader omlijnd (zie HR 27 april 1990, NJ 1991/121 en 122).
hofoverweegt als volgt.
hofoverweegt als volgt. Ingevolge artikel 351 Rv Pro kan niettegenstaande de uitvoerbaarverklaring bij voorraad in eerste aanleg de hogere rechter schorsing van de werking bevelen.