ECLI:NL:GHSHE:2022:2589
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Verschoning
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verschoningsverzoek wegens schending interne openbaarheid en onpartijdigheid
In de hoofdzaak tussen het Openbaar Ministerie en verdachte was het hof voornemens de zaak inhoudelijk te behandelen, maar na ingediende onderzoekswensen van de verdediging werd de behandeling aangehouden. De voorzitter van de strafkamer stuurde een voorstel voor een raadkamergesprek per e-mail aan de andere leden, maar deze e-mail werd per abuis doorgestuurd naar het ressortsparket en kwam zo in handen van de advocaat-generaal.
De raadsheren, verzoekers tot verschoning, stelden dat deze situatie de objectief gerechtvaardigde vrees voor een gebrek aan onpartijdigheid oproept en dat de rechterlijke onpartijdigheid daardoor schade kan lijden. De verschoningskamer overwoog dat hoewel een rechter in beginsel onpartijdig wordt vermoed, de uiterlijke schijn van partijdigheid hier door het niet verstrekken van het stuk aan de verdediging ontstaat.
Omdat niet alle partijen over dezelfde stukken beschikken en het vertrouwen in de rechterlijke macht gewaarborgd moet blijven, besloot de kamer het verzoek tot verschoning toe te wijzen. Het proces wordt voortgezet door een andere kamer waarvan de verzoekers geen deel uitmaken.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de raadsheren wordt toegewezen vanwege de schijn van partijdigheid door onbedoelde openbaarmaking van vertrouwelijke informatie.