3.1In dit hoger beroep kan worden uitgegaan van de volgende feiten.
3.1.1[persoon A] (hierna: verzekerde) is eigenaar van een [[merk + type auto]] (hierna: [de auto] ). Voor deze auto heeft hij een motorrijtuigenverzekering afgesloten bij Allianz waarmee hij onder andere het risico van diefstal verzekerd heeft.
3.1.2Eazzypark exploiteert een parkeerbedrijf op Eindhoven Airport waarbij zij auto’s stalt op bewaakte parkeerterreinen. Zij heeft hiervoor de beschikking over drie eigen parkeerterreinen en huurt in drukke periodes extra parkeerruimte bij onder andere het Evoluon. Eazzypark biedt onder meer een valet service aan waarbij klanten hun auto kunnen afgeven tegenover Eindhoven Airport en de auto daarna door een Eazzypark chauffeur op één van de parkeerterreinen wordt geparkeerd.
3.1.3Op 25 februari 2017 heeft verzekerde [de auto] bij Eazzypark afgegeven met de bedoeling hem op 4 maart 2017 weer af te halen. Bij het afgeven van [de auto] heeft verzekerde het innameformulier getekend. Op dit formulier staat onder andere vermeld:
“
Door het ondertekenen verklaart u de algemene voorwaarden te hebben gelezen en te hebben geaccepteerd”.
3.1.4Eazzypark heeft [de auto] geparkeerd op een door haar op dat moment gehuurd deel van het Evoluon terrein.
3.1.5Op 3 maart 2017 is [de auto] van dit terrein gestolen. Over de toedracht van de diefstal is het volgende bekend. Voorbijgangers zagen twee mannen die zich verdacht gedroegen bij [de auto] staan. De voorbijgangers hebben hiervan melding gemaakt bij de receptie van het Evoluon. Toen geconstateerd werd dat [de auto] weg was heeft [persoon B] van het Evoluon de politie gebeld en vervolgens de directeur van Eazzypark, [persoon C] , gebeld, die ter plaatse is gekomen. Het was niet direct duidelijk welke [merk auto] was gestolen, omdat er meerdere [[merk + type auto]] op de parkeerplaats stonden. Eazzypark heeft binnen ongeveer tien minuten na de diefstal het kenteken van [de auto] achterhaald. Na de telefonische melding is de politie ter plaatse gekomen. Een politiehelikopter is de lucht in gestuurd, nog voor het kenteken van de auto bekend was. Het autovolgsysteem van [de auto] heeft ongeveer een kwartier na de diefstal een laatste signaal uitgezonden. De politie heeft [de auto] niet teruggevonden.
3.1.6Allianz heeft als gevolg van de diefstal aan verzekerde een bedrag van € 78.250,-- zijnde de dagwaarde van de auto en een bedrag van € 450,-- aan dagvergoeding uitgekeerd. Bij e-mail van 7 februari 2018 heeft Allianz vervolgens Eazzypark aangeschreven om deze bedragen, in totaal € 78.700,--, aan haar te vergoeden. Eazzypark heeft daaraan geen gehoor gegeven.
3.2.1In de onderhavige procedure vorderde Allianz in eerste aanleg, kort gezegd, om bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, Eazzypark te veroordelen om aan Allianz te betalen een bedrag van € 78.700,-- te vermeerderen met de wettelijke handelsrente (ex artikel 6:119a BW) vanaf de vervaldatum van de desbetreffende facturen, althans de dag der dagvaarding, tot aan de dag der algehele voldoening, alsmede de buitengerechtelijke kosten ad € 1.662,--, met veroordeling van Eazzypark in de proceskosten te vermeerderen met de wettelijke rente daarover en veroordeling van Eazzypark in de nakosten.
3.2.2Aan deze vordering heeft Allianz, kort gezegd, ten grondslag gelegd dat
verzekerde een [de auto] in bewaring heeft gegeven bij Eazzypark en Eazzypark niet aan haar verplichting tot teruggave van [de auto] heeft voldaan. Eazzypark is hiermee tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst. Allianz heeft de als gevolg daarvan door verzekerde geleden schade vergoed en als gesubrogeerde verzekeraar Eazzypark aansprakelijk gesteld. De vergoede schade bestaat uit een bedrag van € 78.250,-- zijnde de dagwaarde van [de auto] en een bedrag van € 450,--, zijnde een dagvergoeding.
3.2.3Eazzypark heeft gemotiveerd verweer gevoerd. Dat verweer zal, voor zover in hoger beroep van belang, in het navolgende aan de orde komen.
In de kern heeft Eazzypark betoogd dat zij niet aansprakelijk is vanwege de overeengekomen exoneratie, er geen sprake is van een resultaatsverbintenis en zij aan haar zorgplicht heeft voldaan. Voorts is het beroep van Allianz op aansprakelijkheid van Eazzypark in strijd met de redelijkheid en de billijkheid en is sprake van eigen schuld. In geen enkele zorgplicht is tekortgeschoten, zo betoogt Eazzypark.
3.2.4Bij tussenvonnis van 17 juli 2019 heeft de rechtbank een comparitie van partijen gelast. De comparitie, waarvan proces-verbaal is opgemaakt, is gehouden op 11 november 2019.
3.2.5Bij eindvonnis van 24 december 2019 heeft de rechtbank geoordeeld dat:
- de Nederlandse rechter bevoegd is de zaak te behandelen en Nederlands recht van toepassing is (rov. 4.1);
- tussen partijen niet in geschil is dat een overeenkomst van bewaarneming is gesloten en Eazzypark in de nakoming daarvan tekort is geschoten, omdat zij [de auto] niet heeft kunnen teruggeven en dat het aan Eazzypark is om voldoende te stellen en zo nodig te bewijzen dat deze tekortkoming niet aan haar kan worden toegerekend omdat zij aan haar zorgplicht heeft voldaan (rov. 4.2);
- bij de beoordeling of de zorg van een goed bewaarnemer in acht is genomen, rekening moet worden gehouden met alle omstandigheden van het geval. Daarbij is de inhoud van de overeenkomst van belang, maar spelen ook de aard van de zaak, de professionaliteit van de bewaarnemer, het gebruik, de redelijkheid en billijkheid en de omstandigheden van het geval een rol (rov. 4.5);
- de tussen verzekerde en Eazzypark gesloten overeenkomst grotendeels is uitgewerkt in de algemene voorwaarden van Eazzypark die door verzekerde bij het aangaan van de overeenkomst zijn geaccepteerd en die van toepassing zijn (rov. 4.5.1);
- in de algemene voorwaarden is opgenomen dat Eazzypark verplicht is om [de auto] te parkeren, maar niet is uitgewerkt hoe zij dat moet doen. Dat tussen partijen echter niet ter discussie staat dat het de bedoeling was dat [de auto] op een bewaakt parkeerterrein zou worden geparkeerd en dat het bij de beantwoording van de vraag of Eazzypark de zorg van een goed bewaarnemer in acht heeft genomen daarom onder andere van belang is welke voorzorgsmaatregelen zij heeft getroffen om diefstal te voorkomen (rov. 4.5.2);
- Eazzypark voldoende heeft onderbouwd dat op het moment van de diefstal het parkeerterrein, dat zij van Evoluon huurde, met slagbomen was afgesloten en met camera’s werd bewaakt en niet ter discussie staat dat overdag toezicht werd gehouden doordat er steeds mensen op het terrein waren. Hetgeen blijkt uit het feit dat de diefstal direct is opgemerkt. Met deze maatregelen heeft Eazzypark voldoende gedaan om het terrein tegen diefstal te beveiligen (rov. 4.5.3);
- een continue camerabewaking niet noodzakelijk is en ook wat betreft de administratie geen hogere eisen aan Eazzypark kunnen worden gesteld (rov. 4.5.4);
- niet is overeengekomen dat Eazzypark een verzekering tegen diefstal van [de auto] zou afsluiten. In de algemene voorwaarden staat dat de klant verplicht is te zorgen voor een afdoende verzekering. De overeenkomst verplicht Eazzypark niet om zich tegen diefstal te verzekeren. De zorgplicht van Eazzypark strekt niet zo ver dat zij dit desondanks toch had moeten doen. Daarbij is van belang dat Eazzypark ter zitting, onvoldoende betwist, heeft aangegeven dat het voor haar vrijwel onmogelijk is een dergelijke verzekering af te sluiten. Het niet afsluiten van een verzekering door Eazzypark betekent daarom niet dat Eazzypark haar zorgplicht als bewaarnemer heeft geschonden (4.5.5);
- Eazzypark voldoende heeft gedaan om haar zorg als goed bewaarnemer in acht te nemen en de tekortkoming in de nakoming niet aan Eazzypark kan worden toegerekend (rov 4.5.6).
De rechtbank heeft de vorderingen van Allianz afgewezen en Allianz in de proceskosten veroordeeld.