Belanghebbende parkeerde op 22 december 2019 zijn auto in de Gagelstraat te Eindhoven zonder parkeerbelasting te voldoen. Hij baseerde zich op een matrixbord langs de snelweg A2 dat hij, door slechte weersomstandigheden en rijsnelheid, zo interpreteerde dat gratis parkeren in de binnenstad mogelijk was. De heffingsambtenaar legde een naheffingsaanslag op en handhaafde deze na bezwaar.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna belanghebbende hoger beroep instelde. Het hof stelde vast dat het matrixbord duidelijk verwees naar gratis parkeren op de P+R Eindhoven Zuid en niet in de binnenstad. De omstandigheden waaronder belanghebbende het bord las (avondschemering, regen, hoge snelheid) rechtvaardigen geen uitzondering op het risico van een onjuiste lezing.
Het hof oordeelde dat belanghebbende had moeten twijfelen aan de juistheid van zijn waarneming en nader onderzoek had moeten doen. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt dan ook. Tevens werd het beroep op de redelijke termijn ongegrond verklaard. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag bevestigd.