Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
6.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 20 april 2021 waarbij het hof partijen heeft toegelaten bewijs te leveren;
- het H12-formulier van 25 november 2021 met de producties 5 t/m 7 van [geïntimeerde] ten behoeve van de enquête;
- het proces-verbaal van getuigenverhoor van 14 december 2021 met productie;
- de memorie overleggen bewijsstukken met producties 51 t/m 55 van [appellante] ;
- de memorie na enquête tevens antwoordmemorie na schriftelijk bewijs met productie 8 van [geïntimeerde] ;
- de memorie van antwoord na enquête van [appellante] .
7.De beoordeling
het tegenbewijs van [geïntimeerde]
de afgeloste lening van € 262.196,91
“(…) Destijds zijn op de [adres 1] drie etages gebouwd, begane grond, tweede etage en derde etage. De tweede etage is bewoond door mijn moeder en haar toenmalige echtgenoot [persoon C] . De derde etage was voor mij bestemd en is volledig door mij gebouwd en gefinancierd. (…)
“(…) Toen ik haar verzorgde als verpleegkundige zei ze meteen: ik ben geen rijk mens. Ik woon wel in een groot huis, maar dat huis is niet van mij. Ik zei: waarom vertel je mij dat? Ik kom je gewoon verzorgen en ik vraag daar geen geld voor. En toen zei ze: nee, want dat heb ik ook niet. Ik moest daar om lachen, omdat ik voelde dat ze me een beetje op de proef stelde. Ik heb haar overtuigd toen haar been genezen was: ik kom voor jou omdat ik jou graag mag en we een fijne vriendschap aan het opbouwen zijn. Ze wilde van mij weten of het om haar ging of om haar geld. Ik denk dat ze dat wilde weten omdat ze vaak ontgoocheld is geweest, omdat er ook mensen bij haar bleven komen om het geld. Ik doel dan op het koppel uit [plaats] , waar ik over heb verklaard.
“(…) Goed u heeft onze richtprijzen dus in feite onze taxatie gezien. Stel dat de auto verkocht zou worden en er in die zin een werkelijke waarde aan gehangen is dan zou het mij, in dit voorbeeld en uitgaande van de omschreven unieke auto, niet verbazen als die werkelijke waarde nog eens 2.000 euro hoger zou liggen. Maar daar stopt het. Hierin speelt mee dat dit model naar het eind van de bouwtijd (bouwjaren 2011 en 2012) fors goedkoper is geworden (…) Had deze auto in 2006 nieuw 28.746 euro gekost, in 2011 en 2012 (juist voor de komst van het nieuwe model) gingen er nog grote partijen van dit oude model weg voor 18.990 euro. En die plotseling sterk verlaagde nieuwprijs had/heeft zijn uitwerking gehad op de jongere exemplaren, zeker ook op de peildatum 2013.”De ANWB heeft een richtprijs geïndiceerd van € 9.000,-- bij een verkoop tussen particulieren een handelswaarde van € 7.600,--.