Uitspraak
- zich met een (geladen) vuurwapen naar de woning van [slachtoffer] te begeven en/of
- dit wapen niet zorgvuldig onder zich heeft gehouden en/of
- dit wapen heeft laten afpakken, dan wel in handen heeft laten terechtkomen van die [slachtoffer] en/of
- te trachten het vuurwapen van haar, [slachtoffer] , af te pakken, waardoor/ten gevolge waarvan dat vuurwapen is afgegaan en/of
- niet (tijdig) de hulpdienst (te weten, de ambulance), althans (medische) hulp en/of verzorging, heeft gealarmeerd/opgeroepen/ingeschakeld, en/of derden heeft belet/bewogen/geïnstrueerd die (medische) hulp(dienst) en/of verzorging (niet) te alarmeren/op te roepen/in te schakelen,
waardoor het aan zijn schuld te wijten is dat die [slachtoffer] is overleden ten gevolge van een schotwond door het hoofd;
De verdachte heeft een vriend, [getuige 5] , gebeld om te vragen of die meeging en heeft hem opgehaald. Omdat [getuige 5] geen sleutel had van zijn woning zou in de tussentijd [getuige 6] in het huis van [getuige 5] blijven om de deur te kunnen openen.
- zich met een vuurwapen naar de woning van [slachtoffer] te begeven en
- dit wapen niet zorgvuldig onder zich heeft gehouden en
- dit wapen heeft laten afpakken, dan wel in handen heeft laten terechtkomen van die [slachtoffer] en
- te trachten het vuurwapen van haar, [slachtoffer] , af te pakken, waardoor/ten gevolge waarvan dat vuurwapen is afgegaan,
waardoor het aan zijn schuld te wijten is dat die [slachtoffer] is overleden ten gevolge van een schotwond door het hoofd;
1..Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 29 september 2018, dossierpagina’s 46-48, voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 4] :
(het hof begrijpt: [vader van de verdachte] )zojuist een telefoontje had gehad van zijn zoon die hem vertelde dat er op het adres [adres plaats delict/woning slachtoffer] een spelletje gespeeld was met een pistool en dat er geschoten was.
2..Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 10 oktober 2018, dossierpagina 79, voor zover inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant 9] en [verbalisant 10] :
De confrontatie vond plaats met de moeder van [slachtoffer] , [moeder van het slachtoffer] , en de halfbroer van [slachtoffer] , [halfbroer van het slachtoffer] . Beiden gaven aan dat het stoffelijk overschot [slachtoffer] betrof.
Geboortedatum: [geboortedatum slachtoffer]
Geboorteplaats: [geboorteplaats slachtoffer]
4..Het proces-verbaal sporenonderzoek d.d. 17 november 2018, pagina’s 1-9 van het forensisch dossier, voor zover inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant 12] , [verbalisant 11] en [verbalisant 14] :
AAKY5945NL#01 slachtoffer [slachtoffer] kleiner dan 1 op 1 miljard
- De persoon heeft met een vuurwapen geschoten.
7..Het herziene rapport van het Nederlands Forensisch Instituut d.d. 22 oktober 2019, inzake een munitieonderzoek naar aanleiding van een schietincident in Bergen op Zoom op 29 september 2018, afzonderlijk in het procesdossier gevoegd, voor zover inhoudende als bevindingen van rapporteur [deskundige 1] , NFI-deskundige wapens en munitie:
Gezien deze bodemstempels en de afmetingen zijn de drie hulzen van het kaliber 9mm Parabellum. De aanduiding ‘9mm LUGER’ is hiervan een synoniem. De letters ‘G.F.L.’ duiden op het munitiemerk Fiocchi. De letters ‘FC’ duiden op het munitiemerk Federal en/of American Eagle.
8..
Het proces-verbaal van de politie-eenheid Zeeland-West-Brabant, dienst regionale recherche, afdeling wapens, munitie en explosieven, team forensische opsporing, proces-verbaal nummer 2018229372-KP041, d.d. 23 oktober 2019, opgemaakt door verbalisant [verbalisant 15] , afzonderlijk in het procesdossier gevoegd, voor zover inhoudende als relaas van voornoemde verbalisant:
9..Tapgesprek tussen [vriendin van de verdachte] en verdachte [verdachte] d.d. 29 september 2018 te 20.00 uur, dossierpagina’s 803-804, voor zover inhoudende:
A = Ik eh .. Ja het was vrijdag dat het gebeurd is. Ehm. Ik zou met [slachtoffer] , ehm, d'r is een
(verdachte kijkt zijn advocaat vragend aan).
A = Met mijn rechterknie eh eh zat ik op de bank. Dus ik dus ik stond op mijn linkerbeen. En ik zat met mijn rechterknie op de bank. Enne en met me allebei mijn handen reikte ik naar het pistool.
(hof: op vrijdagavond 28 september 2018)of ik op iemands huis wilde oppassen (…). (…) ik reed met [verdachte] mee. [verdachte] reed in een Citroën. Ik paste op de woning terwijl de Poolse man en [verdachte] weggingen. Het duurde zo’n half uurtje tot drie kwartier voordat ze terugkwamen.
15..Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 21 februari 2019, dossierpagina’s 1521-1578, voor zover inhoudende het verbatim uitgewerkte verhoor van de verdachte op 4 januari 2019:
elf uur 's ochtend en eh, twee uur ’s middags, zo iets.
in of. Zeventien of achttien denk.
broeksband gepakt, zeg maar.
gericht ook.
toen is ze naar de bank gegaan. Ze heeft ook nog een keer op mij heb ze hem, heb ze hem nog gericht. Op zichzelf heb ze ook nog een keer gericht voordat ze, voordat ze, voordat ze op de bank ging zeg maar, op de bank ging zitten. En eh, uiteindelijk eh, ik heb haar nog wel gezegd, ja nu moet je uit gaan kijken want nou zit er wel een eh, een patroon in de kamer, zeg maar. En ik wilde hem niet te, niet te abrupt van haar afpakken, zeg maar.
toen ging tie knallen.
(hof: het tenlastegelegde in de strafzaak met parketnummer 02-665109-19)beken ik. Het was een pistool van het merk CZ 75 SP01 Shadow, een 9 millimeter kaliber met munitie. Ik had dat pistool met daarbij munitie voorhanden op 28 september 2018 te Bergen op Zoom. Er konden 17 tot 18 patronen in, maar zoveel zaten er niet in op 28 september 2018. Ik ben op de hoogte van de werking van dat wapen.
[slachtoffer] deed wel vaker van die rare dingen. We zouden die avond een tas op gaan halen en dat ging op een gegeven moment niet meer door. Ik had dus geen reden meer om daar te blijven. Ik denk dat ze daarom zo deed, om mij daar te houden. [slachtoffer] wist ook dat ik die avond naar [vriendin van de verdachte] ging en dat [vriendin van de verdachte] mij de hele avond belde. Ik denk dat ze dat niet wilde. Ik heb geprobeerd het wapen van [slachtoffer] af te pakken en dacht dat het wel goed zou zijn als ik mijn duim tussen de haan en de slagpin zou doen. (…). Ik pakte het wapen beet met rechts en met links pakte ik de pols van haar linkerhand vast. Toen heb ik het wapen uit haar hand willen trekken en toen is het wapen (…) afgegaan. Door de onstuimigheid van mij is het wapen denk ik afgegaan.
De benadeelde partij is aldus gelet op het voorgaande direct geconfronteerd met de ernstige gevolgen van het bewezenverklaarde feit en in zijn persoon aangetast. Het behoeft geen betoog dat de psychische gevolgen van deze verschrikkelijke confrontatie bij de benadeelde partij immens zullen zijn en dat hij daarvan op latere leeftijd veel last zal kunnen ondervinden. De benadeelde partij zal moeten opgroeien zonder zijn moeder en – zoals uit het verhandelde ter terechtzitting in hoger beroep is gebleken – sinds kort ook zonder zijn vader.
De benadeelde partij dient in zoverre in die vordering niet-ontvankelijk te worden verklaard. De benadeelde partij is ter terechtzitting bijgestaan door een gemachtigde (een advocaat), zodat op grond van het bepaalde in artikel 238, tweede lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering de gemaakte reiskosten evenmin als proceskosten voor toewijzing in aanmerking komen.
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) jaren en 3 (drie) maanden;
€ 30.000,00 (zegge: dertigduizend euro)als vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 28 september 2018 tot aan de dag der algehele voldoening;
€ 30.000,00 (zegge: dertigduizend euro)aan immateriële schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 28 september 2018 tot aan de dag der algehele voldoening, en bepaalt dat gijzeling voor de duur van ten hoogste 185 (honderdvijfentachtig) dagen kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt, met dien verstande dat de toepassing van die gijzeling de verschuldigdheid van de schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft;
€ 8.302,25 (zegge: achtduizend driehonderdtwee euro en vijfentwintig cent)als vergoeding van materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 24 oktober 2018 tot aan de dag der algehele voldoening;
€ 8.302,25 (zegge: achtduizend driehonderdtwee euro en vijfentwintig cent)aan materiële schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 24 oktober 2018 tot aan de dag der algehele voldoening, en bepaalt dat gijzeling voor de duur van ten hoogste 76 (zesenzeventig) dagen kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt, met dien verstande dat de toepassing van die gijzeling de verschuldigdheid van de schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft;