De inspecteur legde een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en een verzuimboete op aan belanghebbende over de periode van 27 mei 2019 tot en met 7 januari 2020. Belanghebbende maakte bezwaar, dat werd ongegrond verklaard, waarna hij beroep instelde bij de rechtbank. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. Vervolgens stelde belanghebbende hoger beroep in bij het gerechtshof.
Tijdens de procedure in hoger beroep is belanghebbende overleden. Zijn erfgenamen hebben de nalatenschap verworpen en de executeur heeft afstand gedaan van het executeurschap. Hierdoor is het processuele belang van belanghebbende in de procedure komen te vervallen. De inspecteur gaf aan dat de boete vervalt vanwege het overlijden, maar de naheffingsaanslag gehandhaafd blijft.
Het hof concludeerde dat geen belanghebbende bestaat die het hoger beroep wil voortzetten en dat het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk is. Er is geen aanleiding om het griffierecht te vergoeden of proceskosten toe te wijzen. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 19 juli 2023.