Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het verloop van de procedure
- namens [appellant 1] en [appellant 2] de heer [bestuurder] (bestuurder), bijgestaan door mr. Van den Pauwert;
- [geïntimeerde 2] (mede namens [geïntimeerde 1] ), bijgestaan door mr. De Schepper.
2.De gronden van het verzoek
3.De beoordeling
'de situatie, dat de inhoud var een schriftelijk bewijsmiddel aan een partij in beginsel wel bekend is, maar dat zij het niet in haar bezit heeft'. Gelet hierop falen de vierde en vijfde grief. De zesde grief heeft geen zelfstandige betekenis.