Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) weken;
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In hoger beroep heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch het vonnis van de politierechter in Limburg bevestigd wat betreft de bewezenverklaring van medeplegen van voorwerpen die bestemd zijn voor het plegen van strafbare feiten zoals bedoeld in artikel 11, derde en vijfde lid, van de Opiumwet. De verdachte werd eerder veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf en een taakstraf, maar het hof vernietigde de opgelegde straf en legde een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van vier weken op.
De verdediging voerde aan dat de verdachte handelde in het kader van opruimen, waarbij zij verwees naar jurisprudentie van de Hoge Raad. Het hof sloot zich echter aan bij de overwegingen van de politierechter en verwierp dit verweer op basis van de bewijsmiddelen. Het hof benadrukte het professionele karakter en de omvang van de beoogde hennepkwekerij en de maatschappelijke risico's van hennepteelt.
Het hof hield rekening met het justitiële verleden van de verdachte, dat geen eerdere veroordelingen bevat, en met persoonlijke omstandigheden zoals het recente moederschap en verblijf in Roemenië. Desondanks vond het hof een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend en geboden, mede vanwege de ernst van het bewezenverklaarde en het belang van vergelding.
De straf van vier weken gevangenisstraf wordt verminderd met de tijd die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht. Het vonnis van de politierechter wordt verder bevestigd, behalve de straf die wordt vervangen door het arrest van het hof.
Uitkomst: De verdachte is veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van vier weken met aftrek van voorarrest.