Uitspraak
[nummer 1] t/m [nummer 3], in hoger beroep aanhangig bij dit gerechtshof, ingediend door:
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Verzoeker heeft wrakingsverzoeken ingediend tegen drie raadsheren van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch in belastingzaken over de jaren 2018, 2019 en 2020. De verzoeken betroffen vermeende partijdigheid en vooringenomenheid vanwege het verzoek van het hof aan de wederpartij om ontbrekende stukken te overleggen, het heropenen van het onderzoek en het niet uitnodigen van verzoeker voor een mondelinge behandeling.
Het hof concludeerde dat het verzoek om stukken te overleggen slechts diende om het dossier te completeren en dat deze stukken reeds bij de rechtbank waren ingediend, zodat verzoeker hierop al had kunnen reageren. Het heropenen van het onderzoek was een procedurele beslissing binnen de bevoegdheid van het hof en niet bedoeld als middel tegen wraking, tenzij sprake is van vooringenomenheid, wat niet is gebleken.
Het niet uitnodigen van verzoeker voor de mondelinge behandeling was een misverstand dat geen aanleiding gaf tot de schijn van partijdigheid. Bovendien werd toegezegd dat het onderzoek in de zaken over 2019 en 2020 opnieuw zou worden geopend zodat partijen alsnog gelegenheid krijgen tot reactie.
De wrakingskamer oordeelde dat geen sprake is van onpartijdigheid of vooringenomenheid en wees de wrakingsverzoeken af. De procedure wordt voortgezet in de stand van zaken ten tijde van de verzoeken.
Uitkomst: De wrakingsverzoeken tegen de raadsheren worden afgewezen wegens het ontbreken van partijdigheid of vooringenomenheid.