Belanghebbende kreeg naheffingsaanslagen omzetbelasting opgelegd over de jaren 2016 en 2018, inclusief belastingrente en boetes. Na bezwaar verklaarde de ontvanger het uitstel van betaling vervallen vanwege niet-betaling. Vervolgens werden aanmaningen en dwangbevelen betekend, waarbij betekeningskosten in rekening werden gebracht.
Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze kosten, maar dit werd ongegrond verklaard door de ontvanger en de rechtbank. In hoger beroep stelde belanghebbende dat de uitstel van betaling ten onrechte was beëindigd en dat er geen inhoudelijke beslissing op haar bezwaren was genomen. Het hof oordeelde echter dat er wel degelijk inhoudelijke uitspraken op bezwaar waren gedaan en dat het uitstel terecht was beëindigd.
Het hof bevestigde dat de betekeningskosten terecht in rekening waren gebracht omdat de naheffingsaanslagen onbetaald waren gebleven na het vervallen van het uitstel. De vraag of de naheffingsaanslagen zelf terecht waren opgelegd, werd niet in deze procedure behandeld. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.