Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Inleiding
2.Feiten
3.Beoordeling door de rechtbank
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de betekeningskosten die in rekening zijn gebracht bij dwangbevelen voor naheffingsaanslagen omzetbelasting over 2016 en 2018. De naheffingsaanslagen waren niet tijdig betaald, waarna uitstel van betaling werd verleend maar later verviel. Na aanmaningen en het uitblijven van betaling werden dwangbevelen met betekeningskosten opgelegd.
Belanghebbende stelde dat het uitstel niet was vervallen omdat zij meerdere malen bezwaar had gemaakt tegen de aanslagen, waarop volgens haar geen inhoudelijke reactie was gegeven. De rechtbank oordeelde dat er wel degelijk uitspraken op bezwaar waren gedaan en dat slechts eenmaal uitspraak op bezwaar kan worden gedaan per aanslag. Latere brieven van belanghebbende werden niet als beroep aangemerkt.
De rechtbank concludeerde dat de betekeningskosten terecht in rekening zijn gebracht omdat belanghebbende was aangemaand, niet binnen de termijn had betaald en er geen uitstel van betaling meer was bij betekening van de dwangbevelen. De beroepen werden ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de in rekening gebrachte betekeningskosten.