Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/291606 / HA ZA 21-226)
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
€ 85,00 in geval van betekening en onder de bepaling dat [appellant] de wettelijke rente over deze kosten verschuldigd is indien deze kosten niet binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis volledig aan haar zijn voldaan.
- dat zij met [appellant] een overeenkomst heeft gesloten, op basis waarvan [appellant] aan [geïntimeerde] vanaf februari 2018 maandelijks € 1.500,00 aan haar diende te betalen en
- dat deze afspraak met ingang van april 2019 is gewijzigd, in die zin dat partijen zijn overeengekomen dat [appellant] € 600,00 per maand aan [geïntimeerde] zou betalen tot en met het einde van de looptijd van de lening bij Qredits, te weten februari 2023.
€ 85,00 in geval van betekening en onder de bepaling dat [appellant] de wettelijke rente over deze kosten verschuldigd is indien deze kosten niet binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis volledig aan haar zijn voldaan.
€ 600,00 per maand aan [geïntimeerde] zou betalen tot en met het einde van de looptijd van de lening bij Qredits. Daarop dient een bedrag van € 5.400,00 in mindering te worden gebracht, nu tussen partijen vaststaat dat [appellant] in de maanden april 2019 tot en met december 2019 maandelijks een bedrag van € 600,00 aan [geïntimeerde] heeft betaald, aldus de rechtbank. In reconventie is [appellant] , zo oordeelt de rechtbank, niet in het opgedragen bewijs geslaagd.
€ 600,-- per maand voor zijn rekening nam om daarmee een begin te maken van het nakomen van de eerder gemaakte afspraak.