Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknummer 10542427 \ CV EXPL 23-2482)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep met grieven, productie 1 en een wijziging van eis;
- de memorie van antwoord met productie 1.
3.De beoordeling
- a. De (toekomstige) goederen van [geïntimeerde] zijn met ingang van 13 augustus 2019 onder bewind gesteld, met benoeming van geïntimeerde tot bewindvoerder. Dit brengt mee dat de bewindvoerder bij de vervulling van zijn taak de rechthebbende ( [geïntimeerde] ) in en buiten rechte vertegenwoordigt (artikel 1:441 BW Pro).
- b. Bij huurovereenkomst van 7 maart 2022 heeft Mooiland de woning aan [adres 1] te [woonplaats] verhuurd aan [geïntimeerde] .
- c. Op de huurovereenkomst zijn de algemene huurvoorwaarden van Mooiland van toepassing. In die algemene huurvoorwaarden staat onder meer het volgende:
- Zij was op bezoek bij een vriend;
- De bewoner van de woning wist niet van haar werkzaamheden af;
- Zij deed dit werk om extra inkomsten te genereren;
- Zij werkt legaal in een (erotische) massage praktijk maar omdat dit niet goed liep deed ze dit werk er bij;
- Zij al 6 dagen in deze woning verbleef en hier voor 10 dagen mocht verblijven;
- Zij geen huur voor de woning hoefde te betalen;
- Zij 2 a 3 betalende klanten per dag in deze woning had ontvangen;
- g. Bij brief van 20 maart 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oss (hierna: het college van B&W) aan [geïntimeerde] meegedeeld dat zij het voornemen heeft om aan [geïntimeerde] een last onder dwangsom op te leggen om het gebruik van de woning aan het adres [adres 1] in [woonplaats] ten behoeve van prostitutie en/of seksinrichting te beëindigen en beëindigd te houden. In de brief staat dat een afschrift van de brief naar Mooiland wordt verzonden.
- h. Bij besluit van 6 april 2023 heeft het college van B&W aan [geïntimeerde] een last onder dwangsom opgelegd tot het beëindigen van het gebruik van het pand aan [adres 1] te [woonplaats] ten behoeve van prostitutie en/of als seksinrichting. In dit besluit staat dat een afschrift van het besluit naar Mooiland wordt verzonden.
- i. Mooiland heeft [geïntimeerde] tweemaal uitgenodigd om in een gesprek een toelichting te geven op de door de politie opgestelde rapportage. [geïntimeerde] heeft beide keren de afspraak afgezegd.
- j. Bij brief van 30 mei 2023 heeft de toenmalig gemachtigde van Mooiland [geïntimeerde] in de gelegenheid gesteld om, ter voorkoming van een gerechtelijke procedure waarin ontruiming van de woning wordt gevorderd, de huurovereenkomst zelf op te zeggen. [geïntimeerde] heeft geen gebruik gemaakt van die mogelijkheid. Een afschrift van deze brief is aan de bewindvoerder gezonden.
- I. veroordeling van de bewindvoerder om het gehuurde te ontruimen;
- II. veroordeling van de bewindvoerder tot betaling aan Mooiland van de maandelijkse huur voor elke ingegane maand tot aan het tijdstip van ontruiming, vermeerderd met wettelijke rente;
- de woning te laten gebruiken voor prostitutie;
- niet zijn hoofdverblijf te houden in de woning;
- de woning in gebruik te geven aan derden.
- Het feit dat vóór maart 2023 prostitutiewerkzaamheden zijn verricht in het gehuurde, levert in dit kort geding bij afweging van de over en weer staande belangen van partijen onvoldoende spoedeisend belang op om een veroordeling tot ontruiming van de woning in dit kort geding te rechtvaardigen (rov. 4.1 en 4.2).
- Mooiland heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat [geïntimeerde] niet zijn hoofdverblijf houdt in het gehuurde. Ook in zoverre is er geen grondslag voor een veroordeling tot ontruiming van de woning (rov. 4.3).
- De gestelde overlast is evenmin voldoende grond voor ontruiming van de woning (rov. 4.4).
- I. veroordeling van de bewindvoerder om het gehuurde binnen drie dagen na het te wijzen arrest te ontruimen;
- II. veroordeling van de bewindvoerder tot betaling van de maandelijkse huur, gerekend vanaf september 2023 tot aan het tijdstip van ontruiming, vermeerderd met wettelijke rente;
- grief 2: is toewijzing van de vordering tot ontruiming gerechtvaardigd in verband met de prostitutiewerkzaamheden die in de woning zijn verricht?
- grief 3: heeft [geïntimeerde] zijn hoofdverblijf niet in het gehuurde gehouden en rechtvaardigt dat toewijzing van de vordering tot ontruiming?
- grief 4: is overlast veroorzaakt vanuit het gehuurde en rechtvaardigt dat toewijzing van de vordering tot ontruiming?
- de woning heeft laten gebruiken voor prostitutieactiviteiten, althans de woning gedeeltelijk in gebruik heeft gegeven aan een derde die in de woning prostitutieactiviteiten heeft ontplooid;
- niet zijn hoofdverblijf heeft gehouden in de woning;
- overlast heeft laten veroorzaken vanuit de woning;
- de melding op het klachtformulier van de bewoner van [adres 3] , die daarop onder meer heeft vermeld:
- de mededeling van de bewindvoerder dat [geïntimeerde] in de periode eind januari / begin februari 2023 enkele weken bij zijn vader heeft geslapen om mantelzorg te verlenen omdat zijn vader als gevolg van gordelroos blaasjes en korstjes op zijn hoofd had en daardoor slaapproblemen en pijn had;
- de als productie 7 door Mooiland overgelegde (grotendeels geanonimiseerde) verklaringen.
- Griffierechten € 343,--
- Salaris advocaat € 1.214,-- (1 punt maal tarief II)
- Nakosten € 178,-- (plus de verhoging zoals vermeld in de