Uitspraak
[de moeder], hierna te noemen: de moeder;
William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering, hierna te noemen: de GI.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
De zaak betreft het hoger beroep van de vader tegen de beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant die het ouderlijk gezag van de vader over zijn minderjarige dochter heeft beëindigd en de William Schrikker Stichting tot voogd heeft benoemd.
De minderjarige staat sinds 2019 onder toezicht van de GI en verblijft sinds 2022 grotendeels binnen gesloten jeugdhulp vanwege ernstige ontwikkelingsbedreigingen, veroorzaakt door een onveilige thuissituatie met verwaarlozing, geweld en verslavingsproblematiek. De vader is betrokken maar zijn houding belemmert de hulpverlening en veroorzaakt loyaliteitsconflicten bij de minderjarige.
Het hof oordeelt dat het gezag niet is misbruikt, maar dat de vader niet in staat is binnen een aanvaardbare termijn de verantwoordelijkheid voor verzorging en opvoeding te dragen. De beëindiging van het gezag is noodzakelijk en proportioneel om het belang van de minderjarige te beschermen.
De GI blijft voogd, maar het hof benadrukt het belang van voldoende betrokkenheid van de voogd en wijst op de recente zorgwekkende situatie rond het weglopen van de minderjarige na een kindgesprek. De beschikking van de rechtbank wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van het ouderlijk gezag van de vader over de minderjarige.