Uitspraak
[X]te
[Z]tegen de uitspraak van het
Gerechtshof te Arnhemvan 12 augustus 1982 betreffende de aan hem voor het jaar 1978 opgelegde aanslag in de inkomstenbelasting.
Hoge Raad
Belanghebbende werd voor het jaar 1978 ingedeeld in tariefgroep 3 voor de inkomstenbelasting, omdat hij duurzaam gescheiden leefde van zijn echtgenote en volgens gemeentelijke gegevens sinds 1972 gescheiden was. Hij betwistte deze indeling en stelde dat hij nooit een echtscheiding had aangevraagd en dat zijn maritale status beschermd moest worden volgens de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.
Het gerechtshof bevestigde de indeling in tariefgroep 3, omdat belanghebbende zelf verklaarde duurzaam gescheiden te leven en het huwelijk volgens de gemeente in 1972 was ontbonden. Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen deze uitspraak met verwijzing naar mensenrechten en procedurele bezwaren.
De Hoge Raad oordeelde dat de Universele Verklaring niet als bindend besluit geldt binnen de Nederlandse rechtsorde en dat er geen grond was voor behandeling door een meervoudige kamer. Het cassatieberoep werd verworpen en de uitspraak van het hof bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de indeling van belanghebbende in tariefgroep 3 en wijst het cassatieberoep af.