Uitspraak
anieuw BW ontbreken, verdient bij dit alles aandacht dat de rechter die deze wijze van tenuitvoerlegging toestaat tot taak heeft na te gaan of in de gegeven omstandigheden voldoende gewaarborgd is dat de gerechtvaardigde belangen van de veroordeelde(n) — van wie er hier één is gedagvaard als zonder bekende woon- of verblijfplaats — niet in het gedrang komen. Het hof heeft zulks evenwel niet miskend, zoals blijkt uit zijn hiervoor onder 3.1 weergegeven vaststellingen, alsook uit zijn hiervoor onder 1 weergegeven beslissing, waarin besloten ligt dat, alvorens tot reële executie als voormeld wordt overgegaan, niet alleen betekening aan beide veroordeelden op de voet van art. 430 lid 3 Rv Pro. dient plaats te hebben gevonden, doch hun ook een laatste gelegenheid dient te zijn geboden om vrijwillig aan de leveringsakte mede te werken, van welk gelegenheid bieden tezamen met het uitblijven van die medewerking in die akte melding zal moeten worden gemaakt.
3 april 1987.