ECLI:NL:HR:1995:AA1595
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Wildeboer
- Urlings
- Zuurmond
- Fleers
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrekbaarheid meegekochte rente bij deep-discount obligaties in inkomstenbelasting
Belanghebbende kocht in 1983 deep-discount obligaties met een nominale waarde van US$ 100.000 tegen een koers van 53,375%. Naast de reguliere couponrente was in geschil of de meegekochte rente, het verschil tussen aankoopprijs en nominale waarde, als aftrekbare kosten in de inkomstenbelasting mocht worden meegenomen.
Het Hof oordeelde dat deze meegekochte rente niet aftrekbaar is op grond van artikel 27 lid 1 eerste Pro volzin van de Wet op de inkomstenbelasting 1964, omdat deze rente onderdeel uitmaakt van de vergoeding voor het ter beschikking stellen van de hoofdsom en als disconto wordt genoten. De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verduidelijkte dat het begrip 'termijnen van renten van schuldvorderingen' in artikel 27 lid 1 ruim Pro moet worden uitgelegd, ook voor rente die als disconto bij aflossing wordt genoten.
De Hoge Raad wees het cassatieberoep af en wees het verzoek om teruggaaf van griffierecht af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Hiermee is de aftrek van meegekochte rente bij dergelijke waardepapieren uitgesloten, wat aansluit bij de beoogde fiscale regeling om misbruik te voorkomen.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt verworpen en de aftrek van meegekochte rente wordt uitgesloten.