ECLI:NL:HR:1995:AA1654
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Wildeboer
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Herrmann
- raadsheer Fleers
- Rechtspraak.nl
Vrijstelling overdrachtsbelasting bij verbetering landbouwstructuur door verkrijging weiland
Belanghebbende, exploitant van een landbouwbedrijf, verwierf in 1989 een perceel weiland naast zijn bestaande grond. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting op, omdat het hof oordeelde dat de verkrijging niet in het belang was van verbetering van de landbouwstructuur. Het hof baseerde dit op de geringe omvang van het bedrijf en het feit dat het gebruikte weiland niet significant toenam.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof een te beperkte uitleg gaf aan de vrijstellingsregeling in artikel 15, lid 1, onderdeel q van de Wet op belastingen van rechtsverkeer. De vrijstelling geldt ook als de landbouwstructuur door de verkrijging minder versnipperd wordt, ook al is het bedrijf niet van een minimale omvang.
De Hoge Raad stelt vast dat door de verkrijging de versnippering is verminderd en een rendabelere exploitatie mogelijk is geworden zonder verslechtering elders. Hierdoor is voldaan aan de voorwaarden voor vrijstelling van overdrachtsbelasting.
De uitspraak van het hof en de Inspecteur worden vernietigd en de naheffingsaanslag komt te vervallen. Tevens worden proceskosten aan de zijde van belanghebbende toegewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en bevestigt de vrijstelling overdrachtsbelasting wegens verbetering van de landbouwstructuur.