ECLI:NL:HR:1995:AA3048
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van der Linde
- Bellaart
- De Moor
- C.H.M. Jansen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geen actieve bedrijfsvoering voor Amerikaanse vennootschap in belastingzaak
Belanghebbende, een vennootschap opgericht in de Verenigde Staten, kreeg een navorderingsaanslag vennootschapsbelasting opgelegd over 1984. Deze aanslag werd door het Gerechtshof Amsterdam vernietigd omdat belanghebbende geen onderneming op het gebied van nijverheid of handel in Nederland dreef en geen actieve bedrijfsvoering had volgens het belastingverdrag tussen Nederland en de Verenigde Staten.
De Staatssecretaris van Financiën stelde cassatieberoep in tegen deze uitspraak. De Hoge Raad oordeelde dat belanghebbende moet worden aangemerkt als een lichaam der Verenigde Staten en dat de activiteiten van belanghebbende zich beperkten tot het houden van aandelen en rentedragende vorderingen, wat geen actieve bedrijfsvoering inhoudt.
De Hoge Raad bevestigde dat het hof een juiste beslissing had genomen door het begrip onderneming in het belastingverdrag strikt toe te passen en het cassatieberoep verwierp. Belanghebbende werd tevens in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over proceskosten.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat belanghebbende geen actieve bedrijfsvoering had en daarom niet belastingplichtig was in Nederland.