ECLI:NL:HR:1995:AA3054
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Wildeboer
- Zuurmond
- Herrmann
- Fleers
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkstelling bestuurder voor niet-betaalde loonbelasting en verhoging
De zaak betreft een beroep in cassatie van een bestuurder tegen een aansprakelijkstelling voor niet-betaalde loonbelasting en een verhoging opgelegd aan zijn vennootschap over de jaren 1983-1986. De Inspecteur stelde de bestuurder aansprakelijk voor een bedrag van ƒ 290.691,41, waarvan het Hof het bedrag verminderde tot ƒ 82.880,70 zonder verhoging.
De Hoge Raad bevestigt dat de bestuurder terecht aansprakelijk is gesteld voor het bedrag van de enkelvoudige loonbelasting dat niet is betaald als gevolg van kennelijk onbehoorlijk bestuur in de drie jaar voorafgaand aan de melding van betalingsonmacht. Het Hof oordeelde terecht dat het niet-betalen van loonbelasting aan de bestuurder kan worden toegerekend.
Echter, de Hoge Raad vernietigt het deel van de uitspraak dat de bestuurder aansprakelijk stelt voor de verhoging (administratieve boete) die onderdeel uitmaakt van de naheffingsaanslag. Het Hof had geoordeeld dat de aansprakelijkstelling voor de verhoging een strafvervolging in de zin van art. 6 EVRM Pro is en dat de Inspecteur onvoldoende had gesteld en bewezen dat de bestuurder mede-schuldig was aan het belopen van de verhoging. De Hoge Raad bevestigt dat deze stelplicht geldt en dat het Hof terecht de aansprakelijkstelling voor de verhoging heeft verworpen. De zaak wordt verwezen naar een ander gerechtshof voor verdere behandeling.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt aansprakelijkheid voor loonbelasting maar vernietigt aansprakelijkheid voor de verhoging en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling.