ECLI:NL:HR:1995:AA3125
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van der Linde
- Bellaart
- De Moor
- Van der Putt-Lauwers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt Hofuitspraak over belastingheffing pachtsommen maatschap
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1984 een aanslag in de inkomstenbelasting opgelegd, die na bezwaar werd verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ 150.800,--. Het Hof vernietigde deze uitspraak en stelde het belastbaar inkomen vast op ƒ 100.800,--. De zaak betrof de fiscale behandeling van een bedrag van ƒ 100.000,-- dat belanghebbende ontving uit een dading met de gemeente en curatoren na ontbinding van een maatschap.
De maatschap was in 1969 aangegaan tussen belanghebbendes echtgenoot en een derde, waarbij pachtrechten op percelen tuinland waren ingebracht. Na faillissement en ontbinding van de maatschap in 1982 stelde belanghebbende dat zij pachtrechten kon doen gelden, hetgeen door de Pachtkamer werd bevestigd. De gemeente en curatoren betaalden een bedrag van ƒ 105.623,65 aan belanghebbende.
De Inspecteur rekende ƒ 70.000,-- van dit bedrag tot het belastbare inkomen, terwijl belanghebbende dit als onbelaste bate beschouwde. Het Hof oordeelde dat de maatschap een onderneming dreef en dat het bedrag belastbaar was. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof onvoldoende had gemotiveerd dat sprake was van bedrijfsmatige activiteiten en vernietigde het arrest, verwijzend naar het Hof Amsterdam voor herbeoordeling.
De Hoge Raad stelde belanghebbende tevens in de gelegenheid zich uit te laten over een eventuele proceskostenveroordeling en bepaalde dat het griffierecht van ƒ 300,-- aan belanghebbende wordt vergoed.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug voor herbeoordeling.