ECLI:NL:HR:1995:AA3146
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Wildeboer
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Herrmann
- raadsheer Fleers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof Amsterdam inzake aftrekbaarheid cursus- en examenkosten accountantsexamen
Belanghebbende, werkzaam als accountant-administratieconsulent, maakte in 1991 cursus- en examenkosten voor het accountantsexamen. De Inspecteur accepteerde een deel van deze kosten als aftrekbaar op grond van artikel 36 lid 2 sub g Wet Pro IB 1964, het Hof liet het volledige bedrag toe. De Hoge Raad oordeelt dat deze kosten niet bedoeld waren voor het op peil houden van reeds verworven vakkennis, maar voor het verkrijgen van een nieuwe bevoegdheid die leidde tot een duurzame verbetering van de positie van belanghebbende.
Daarom zijn deze kosten niet aftrekbaar als gewone studiekosten, maar vallen zij onder de regeling voor buitengewone lasten (artikel 46 Wet Pro IB 1964). Omdat het Hof niet heeft vastgesteld welk bedrag het belastbaar inkomen moet zijn bij toepassing van deze regeling, kan het arrest niet in stand blijven.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het Hof, behoudens het griffierecht, en verwijst de zaak naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling en beslissing in meervoudige kamer, met inachtneming van dit arrest.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof Amsterdam en verwijst de zaak terug voor herbeoordeling van de aftrekbaarheid van cursus- en examenkosten als buitengewone lasten.