ECLI:NL:RBDHA:2015:2054
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek van reis- en verblijfskosten voor rechtenstudie en cursus als scholingsuitgaven
Eiser heeft in 2011 een rechtenstudie gevolgd aan de Rijksuniversiteit Leiden en een cursus 'Patent Litigation in Europe' aan een universiteit in Straatsburg. Voor deze studie en cursus maakte hij reis- en verblijfskosten van € 3.825, die hij als scholingsuitgaven in aftrek wilde brengen op zijn inkomstenbelasting. Eiser stelde dat deze opleidingen dienden om zijn vakbekwaamheid op peil te houden en zijn cliënten adequaat te kunnen vertegenwoordigen.
De Belastingdienst wees de aftrek af omdat de kosten niet als scholingsuitgaven konden worden aangemerkt. De rechtbank oordeelde dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat de studie en cursus uitsluitend gericht waren op het op peil houden van reeds verworven kennis. De cursus strekte ook tot het verkrijgen van een nieuwe bevoegdheid, namelijk cliënten zonder advocaat te kunnen vertegenwoordigen.
Daarnaast zijn reis- en verblijfskosten volgens artikel 6.28, eerste lid, sub c, van de Wet IB 2001 niet aftrekbaar als scholingsuitgaven. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees de aftrek van de kosten af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst de aftrek van reis- en verblijfskosten voor de studie en cursus af.