ECLI:NL:HR:1996:AA1787
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Urlings
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt onterecht toepassen brutering bij naheffingsaanslag loonbelasting
De zaak betreft een cassatieberoep van de Staatssecretaris van Financiën tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem. Het Hof had de naheffingsaanslag loonbelasting en premie volksverzekeringen deels vernietigd en het bedrag waarvoor belanghebbende aansprakelijk werd gesteld verlaagd.
Centraal stond de vraag of de Inspecteur terecht een brutering had toegepast bij de berekening van de naheffingsaanslag. Het Hof oordeelde dat deze brutering onterecht was toegepast, mede omdat niet was komen vast te staan dat de werkgever zich in een positie had gebracht waardoor verhaal praktisch onmogelijk was.
De Hoge Raad overweegt dat het Hof niet buiten de rechtsstrijd is getreden door de toepassing van de brutering te beoordelen en dat de Inspecteur onvoldoende heeft gesteld om het beroep op brutering te rechtvaardigen. Het cassatieberoep wordt verworpen en de Staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de Staatssecretaris wordt verworpen en hij wordt veroordeeld in de proceskosten.