ECLI:NL:HR:1996:AA2055
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van der Linde
- De Moor
- Van der Putt-Lauwers
- Van Brunschot
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof over aftrek dubbele belasting bij buitenlandse vaste inrichting
Belanghebbende, een deelvisser woonachtig in Nederland, was in 1990 werkzaam aan boord van een Engelse viskotter die eigendom was van een in Engeland gevestigde vennootschap. Voor dat jaar werd hem een aanslag inkomstenbelastingpremie volksverzekeringen opgelegd over een belastbaar inkomen van ƒ 77.892, inclusief ƒ 9.309 aan premie volksverzekeringen. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag, maar het Hof Arnhem vernietigde deze uitspraak en verminderde de aanslag, waarbij geen premie volksverzekeringen werd begrepen.
In cassatie stelde belanghebbende dat hij recht had op aftrek ter voorkoming van dubbele belasting, omdat hij zijn onderneming uitoefende via een vaste inrichting in het Verenigd Koninkrijk. Het Hof had erkend dat de voordelen uit onderneming aan die vaste inrichting toerekenbaar waren, maar had ten onrechte geen aftrek verleend. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof onjuist had geoordeeld en dat de vraag of het VK daadwerkelijk belasting heft, niet relevant was op grond van het belastingverdrag.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het Hof, behoudens de proceskostenbeslissingen, en verwees de zaak naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch voor verdere behandeling en beslissing. Tevens werd de Staatssecretaris van Financiën veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan de zijde van belanghebbende.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest Hof en verwijst zaak terug voor bepaling aftrek dubbele belasting.