ECLI:NL:HR:1996:ZD0218
Hoge Raad
- Cassatie
- Haak
- Bleichrodt
- Schipper
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt veroordeling voor mishandeling dochter tijdens ruzie met moeder
In deze zaak werd verdachte in hoger beroep veroordeeld voor zware mishandeling en mishandeling, waarbij hij zijn dochter twee klappen in het gezicht gaf tijdens een ruzie met haar moeder. De verdediging stelde dat het uitdelen van corrigerende tikken viel onder het tuchtrecht van een ouder en dat het handelen van verdachte mogelijk gerechtvaardigd was.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof had moeten beslissen over dit verweer, maar dat het ontbreken van een afzonderlijke gemotiveerde beslissing hierover niet tot cassatie leidt. Het hof had immers geoordeeld dat de handelingen van verdachte geen opvoedkundig doel dienden, maar bedoeld waren om zijn dochter te weerhouden zich tegen hem te verzetten tijdens zijn gewelddadig optreden tegen haar moeder.
Dit oordeel van het hof was niet onbegrijpelijk en kan in cassatie niet worden getoetst. Het cassatieberoep werd daarom verworpen. De straf van zes maanden gevangenisstraf bleef in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling tot zes maanden gevangenisstraf blijft in stand.