ECLI:NL:HR:1999:AA2896
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Pos
- raadsheer Beukenhorst
- raadsheer Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt naheffingsaanslag assurantiebelasting wegens onjuiste toepassing wetgeving
Y PLC, een in het Verenigd Koninkrijk gevestigde vennootschap, kreeg een naheffingsaanslag assurantiebelasting opgelegd over premies die via haar werden doorberekend voor verzekeringen die betrekking hadden op haar Nederlandse dochter B B.V. De Inspecteur handhaafde de aanslag na bezwaar, en het Hof bevestigde dit oordeel. Y PLC stelde cassatie in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof ten onrechte had geoordeeld dat sprake was van een belastbaar feit in de zin van de Wet op belastingen van rechtsverkeer (WBR). Volgens de Hoge Raad is de plaats van het voorwerp van de verzekering in dit geval niet Nederland, omdat de verzekering niet betrekking had op een vaste inrichting van Y PLC, maar op een zelfstandige dochtermaatschappij. De wettelijke bepalingen, waaronder artikel 20 en Pro 21 WBR en artikel 8 Uitvoeringsbesluit Pro, schrijven voor dat in dergelijke gevallen de plaats van vestiging van de verzekeringnemer bepalend is, wat hier het Verenigd Koninkrijk is.
De Hoge Raad vernietigde daarom de uitspraak van het Hof, de uitspraak van de Inspecteur en de naheffingsaanslag. Tevens werden de Staatssecretaris van Financiën en de Inspecteur veroordeeld in de proceskosten, en werd bepaald dat de Staat deze kosten moet vergoeden aan Y PLC. Hiermee werd bevestigd dat de assurantiebelasting niet terecht was geheven over de verzekeringen die betrekking hadden op de Nederlandse dochtermaatschappij.
De zaak belicht de interpretatie van het begrip 'voorwerp van de verzekering' en de toepassing van de assurantiebelasting bij grensoverschrijdende verzekeringsconstructies, waarbij de Hoge Raad benadrukte dat de wetgever niet heeft beoogd dat verzekeringen van buitenlandse vennootschappen die betrekking hebben op Nederlandse dochtermaatschappijen aan assurantiebelasting worden onderworpen.
Uitkomst: De naheffingsaanslag assurantiebelasting opgelegd aan Y PLC wordt vernietigd omdat de aanslag onterecht was opgelegd.