ECLI:NL:HR:1999:AA3377
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Mijnssen
- raadsheer Heemskerk
- raadsheer Herrmann
- raadsheer Van der Putt-Lauwers
- raadsheer Fleers
- Rechtspraak.nl
Vaststelling belastingrechtelijke behandeling van schadevergoeding wegens wanprestatie FNV
De zaak betreft een geschil tussen eiser en de FNV over de vergoeding van kosten van rechtsbijstand die eiser maakte nadat FNV de rechtsbijstand weigerde te verlenen. Eiser vorderde schadevergoeding wegens wanprestatie van FNV, die door de rechtbank grotendeels werd toegewezen. Het hof vernietigde dit echter deels, omdat het oordeelde dat de schadevergoeding niet als negatieve kostenpost voor de inkomstenbelasting hoefde te worden opgegeven, waardoor slechts 40% van de vordering toewijsbaar was.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof dit oordeel miskent en dat de vergoeding wel degelijk een negatieve kostenpost vormt, omdat er een zakelijk verband bestaat tussen de gemaakte kosten en de vergoeding. Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak verwezen naar een ander hof om eiser de gelegenheid te geven zijn vordering nader toe te lichten.
De Hoge Raad benadrukt dat de fiscale behandeling van de vergoeding moet aansluiten bij de systematiek van aftrekbare beroepskosten en dat de vergoeding de eerder gemaakte kosten compenseert. FNV wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak verwezen voor nadere behandeling en toelichting van de vordering.