ECLI:NL:HR:2000:AA7233
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- G.J.M. Corstens
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.P. Balkema
- B.C. de Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onrechtmatige bewijsgaring bij verkoop cocaïne na pseudokoop
De verdachte werd door het Hof veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf wegens de verkoop van cocaïne, gebaseerd op een proces-verbaal van een pseudokoop.
De verdediging stelde dat sprake was van uitlokking door de verbalisant, wat tot bewijsuitsluiting moest leiden. Het Hof oordeelde echter dat het initiatief tot de verkoop van de verdachte uitging en verwierp het beroep op onrechtmatige bewijsgaring.
De Hoge Raad analyseerde het Tallon-criterium, dat bepaalt dat bewijs uit pseudokoop slechts toelaatbaar is indien de verdachte niet tot andere handelingen is gebracht dan waarop zijn opzet reeds tevoren was gericht. De Raad concludeerde dat het bewijs onvoldoende ondubbelzinnig aantoont dat de verdachte vooraf het opzet had om cocaïne te verkopen.
Daarom is het proces-verbaal als bewijs onrechtmatig verkregen en moet de verdachte worden vrijgesproken. Dit arrest bevestigt de strikte toepassing van het Tallon-criterium en benadrukt de bescherming tegen onrechtmatige opsporingsmethoden.
Uitkomst: De verdachte wordt vrijgesproken wegens onrechtmatige bewijsgaring bij de verkoop van cocaïne.