ECLI:NL:HR:2000:AA7418
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- P.J. van Amersfoort
- P. Lourens
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak over winstmarge coaten raw board in fiscale eenheid vennootschapsbelasting
Belanghebbende, een vennootschap binnen een internationaal concern dat kartonnen verpakkingen produceert, vormde een fiscale eenheid met D B.V., die coaten van raw board verrichtte. Tot 1990 verkocht D het bewerkte karton deels aan belanghebbende en deels aan een Zwitserse groepsmaatschappij, E AG, tegen een prijs gebaseerd op kostprijs plus 1% winstopslag.
Vanaf 1991 wijzigde de bedrijfsvoering: D bracht alleen nog coating aan op door E AG aangeleverd raw board, dat eigendom bleef van E AG. D bracht een vergoeding in rekening gebaseerd op kostprijs plus 2% winstopslag, waardoor de winstmarge met 60% daalde. De Inspecteur stelde dat de handelsrelatie niet langer zakelijk was en verhoogde de winst van belanghebbende naar het niveau van voorgaande jaren.
Het hof bevestigde deze winstcorrectie, oordelend dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de lagere winstmarge gerechtvaardigd was. De Hoge Raad vernietigt dit oordeel wegens onvoldoende motivering, met name over de toerekening van de winstopslag en het ontbreken van een gedegen motivering over externe marktprijzen.
De zaak wordt verwezen naar het gerechtshof 's-Hertogenbosch voor herbeoordeling in meervoudige kamer, met inachtneming van het arrest. De Staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten en moet het griffierecht aan belanghebbende vergoeden.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt hofuitspraak en verwijst zaak terug voor herbeoordeling met inachtneming van het arrest.