ECLI:NL:HR:2000:AA8103

Hoge Raad

Datum uitspraak
3 november 2000
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
R00/016HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • F.H.J. Mijnssen
  • J.B. Fleers
  • O. de Savornin Lohman
  • W.H. Heemskerk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 69 Fw
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake niet-ontvankelijkheid verzoeker in faillissementsprocedure

Verzoeker heeft bij de rechter-commissaris in het faillissement van B.L.M. International B.V. een verzoek ingediend op grond van artikel 69 Faillissementswet Pro. De rechter-commissaris verklaarde verzoeker niet-ontvankelijk in dit verzoek. Hiertegen stelde verzoeker hoger beroep in bij de Rechtbank Amsterdam, die eveneens niet-ontvankelijkheid oordeelde.

Vervolgens richtte verzoeker zich tot de Hoge Raad met een cassatieberoep tegen deze niet-ontvankelijkverklaringen. De curator in het faillissement was niet verschenen in cassatie. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen.

De Hoge Raad oordeelde dat het middel, zoals aangevoerd door verzoeker, geen aanleiding gaf tot cassatie en verwierp het beroep. De beschikking werd gegeven door de vice-president en raadsheren en in het openbaar uitgesproken door een raadsheer op 3 november 2000.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verzoeker wordt verworpen en de niet-ontvankelijkverklaring bevestigd.

Uitspraak

3 november 2000
Eerste Kamer
Rek.nr. R00/016HR
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[Verzoeker], wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
Mr. N. HIJMANS, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van B.L.M. International B.V.,
kantoorhoudende te Almelo,
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 11 november 1999 ter griffie van de Rechtbank te Amsterdam ingekomen brief heeft verzoeker tot cassatie - verder te noemen: [verzoeker] - zich gewend tot de rechter-commissaris in het faillissement van B.L.M. International B.V. met een verzoek als bedoeld in artikel 69 Fw Pro.
De rechter-commissaris heeft bij beschikking van 16 november 1999 [verzoeker] niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek.
Tegen deze beschikking heeft [verzoeker] hoger beroep ingesteld bij de Rechtbank te Amsterdam.
Bij beschikking van 26 januari 2000 heeft de Rechtbank [verzoeker] niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep.
De beschikking van de Rechtbank is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van de Rechtbank heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De curator is in cassatie niet verschenen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal Bakels strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
Het middel kan op de gronden vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal Bakels onder 2.1 en 2.2 niet tot cassatie leiden.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president F.H.J. Mijnssen als voorzitter en de raadsheren J.B. Fleers en O. de Savornin Lohman, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.H. Heemskerk op 3 november 2000.
92, NJ 1992, 195.